Geschiedenis

Het ontstaan van de Service Clubs in het algemeen en van Lions in het bijzonder.

1.01.  in ‘t kort

Service Clubs vonden hun oorsprong in het begin van vorige eeuw in de Verenigde Staten van Amerika, zo ook Lions International.

Echter, reeds in het midden van de 19de eeuw komt de naam ‘Lion’ voor. Het waren clubs van mannen die zich bezig hielden met de problemen van ‘good government’ en ‘good citizenship’. Onderling hulpbetoon stond op het voorplan.
Ook bestonden er een groot aantal ‘businessman circles’, waarin evenwel groepsbelang en eigen belang primeerden.

Het is de bijzondere verdienste van Melvin Jones, lid van de Business Circle van Chicago, om in te zien dat een dergelijke groep invloedrijke zakenmensen een machtig potentieel kon vormen in het belang van de gemeenschap.
De constituerende vergadering had plaats te Dallas (Texas) in oktober 1917. Voor de naam werd geredetwist tot in 1919 de optie van Melvin Jones het haalde en de ‘Association of Lions Clubs’ de officiële benaming werd. Dit was de naam van zijn businessclub in Chicago, naam geïnspireerd door de grote stenen leeuw die in Chicago voor het ‘Institute of Arts’ staat. De leeuw stond in de business circle al als symbool voor broederschap, kameraadschap en sterkte.De gloedvolle tussenkomst van een jonge advocaat uit Denver, Halsted Ritter was doorslaggevend. Hij stelde dat het woord LIONS niet alleen de koning der dieren evoceerde en de uitzonderlijke kwaliteiten van broederschap, kameraadschap en sterkte, maar dat de letters ervan precies de boodschap van het Amerikaanse burgerschap inhielden: Lions International Our Nation’s Safety.
De leeuw was er wel eerst.

Het actueel embleem (ons speldje) met een leeuw die naar het verleden kijkt en een leeuw die naar de toekomst kijkt werd in 1920 ontleend aan een schilderij van de Franse artieste Rose Bonheur.

Nadat de eerste club buiten de Verenigde Staten werd opgericht, wijzigde de naam in ‘The International Association of Lions Clubs’, kortweg ‘Lions International’ genoemd, in 1980 gewijzigd in ‘Lions Clubs International’, in ’t kort ‘LCI’.

De Lions organisatie is de grootste service club ter wereld.
Mondiaal telt de vereniging (info Oak Brook, toestand per mei 2016) ca 1,4 miljoen leden, verenigd in bijna 46.000 clubs, verdeeld in meer dan 700 districten en verspreid over 210 landen en geografische regio’s.
In de “Code of Ethics” (erecode) en in de doelstellingen van Lions Clubs International wordt grote nadruk gelegd op dienstbetoon.
Het (latere) motto, aanvaard in 1950, “We serve” brengt dit tot uitdrukking.
Heel belangrijk was het aanvaarden van de motie dat ‘geen enkele club zal op geen enkele manier zich tot doel stellen financieel voordeel te bezorgen aan haar leden’.

Iedere Lionsclub is zelfstandig en kan een volstrekt eigen karakter ontwikkelen binnen de spelregels vastgelegd in de internationale  ‘Constitutions & By-Laws’.
De leden van de clubs ontmoeten mekaar (in principe) tweemaal per maand.
Men kan slechts lid worden op uitnodiging.

1.02.  een beetje geschiedenis

Lions International is dan wel niet de oudste (Rotary werd reeds opgericht in 1905, Kiwanis volgde tien jaar later), het is momenteel wel de grootste serviceclub-organisatie ter wereld.

Op 07 juni 1917 was er een eerste vergadering met 12 man.
Van 8 tot 10 oktober van datzelfde jaar was er een eerste conventie, met 36 vertegenwoordigers van 22 clubs uit 9 staten, waar de eerste statuten, de naam Lions, de kleuren en de erecode aanvaard werden, waar er een eerste (toen nog niet internationale) president (niet Melvin Jones, wel Dr. W. Woods) verkozen werd en waarop het zakelijk karakter geweerd werd. Stichter Melvin Jones werd de eerste secretaris.

De officiële kleuren van Lions waren purper en goud.
Dat zijn koninklijke kleuren en hebben een specifieke betekenis. Purper staat voor de loyaliteit tegenover vrienden en tegenover zichzelf en voor de integriteit van geest en hart. Goud staat voor de oprechtheid van opzet, de mildheid in het oordeel, de zuiverheid van het leven en de edelmoedigheid in geest, moed en oprechtheid ten opzichte van de mensheid.

Op de internationale conventie van Bangkok in 2008 werd evenwel beslist om het logo aan te passen. Er werd gekozen voor een vereenvoudigde en meer gestileerde versie in blauw en geel. Dit nieuw kenteken is sindsdien officieel van kracht. Het oude logo mag officieel niet meer gebruikt worden.De dubbele leeuwenkop is behouden, met een terugblik op het verleden en een kijk op de toekomst.
Het nieuwe kenteken vind je op de kaft van dit vademecum.

Vanaf 1920 gaan we de internationale toer op, met de stichting van de eerste club in Canada (LC Winsor, in Ontario).

In 1925 werd met de toespraak van de doof-blinde Helen Keller op de conventie in Cedar Point in Ohio beslist voorrang  te geven aan acties i.v.m. het zicht.

Wie is die dame?
Helen Keller was een doof-blinde vrouw die leefde van 1880 tot 1968 in Massachusetts (USA). Nog voor ze twee jaar oud werd verloor Helen door een ziekte haar zicht én haar gehoor. Dat bemoeilijkte haar opvoeding enorm. Het meisje werd compleet onhandelbaar en de familie begon te wanhopen. Toen dook Anne Sullivan Macy op, een jonge gouvernante die zelf zwaar slechtziend was. Zij zorgde voor een ‘mirakel’ door de geïsoleerde Helen op korte tijd te leren lezen en schrijven en daardoor al het mooie dat in haar verborgen zat naar buiten te brengen. Reeds meer dan honderd jaar geleden (1902) schreef Helen haar “Story of my Life”. Het boek groeide na een moeilijke start uit tot een klassieker. Haar doof-blindheid belette haar uiteindelijk niet om door te dringen tot de diepste essentie van het leven.

In 1927 waren er 60.000 leden in 1.183 clubs, in 1929 waren er 2.200 clubs met ca 80.000 leden.

In 1928 werd de eerste club in … China opgericht.
Onder het communistisch bewind was er evenwel een totaal verbod, enkel in Hong Kong bleef Lions bestaan. Nu zijn er zeer grote projecten in China gepland (o.a. met Sight First) en staat de regering welwillend tegenover Lions.
In datzelfde jaar 1928 werd de maatschappelijke zetel verplaatst vanuit het kantoor van Melvin Jones naar een eigen gebouw. In 1971 werd nogmaals verhuisd, nu naar de gebouwen in Oak Brook, thans nog steeds de vaste stek van Lions Clubs International.

In 1931 breidt Lions verder uit zuidwaarts, eerst naar Mexico, vanaf 1935 verder in Centraal-Amerika (Panama) en verder naar Latijns-Amerika. In 1940 bereikt de Lions-beweging Cuba.
De tweede wereldoorlog verhinderde de (reeds sinds 1937) geplande verdere expansie naar Europa en de rest van de wereld.

In 1945 start de samenwerking met de UNO. Lions International was de eerste (en is nog steeds enige) serviceclub-organisatie ter wereld die als niet-gouvernementele organisatie permanente contacten onderhoudt met de UNESCO en de UNHRO en met raadgevende stem in deze organisaties zetelt.

In 1947, na WO2, steekt Lions eindelijk de plas over en wordt een eerste club in Australië opgericht.

In 1948 krijgt Lions het statuut van raadgever in de economische en sociale raad van de NGO’s (ECOSOC).
Eveneens in 1948 komt Lions naar Europa en worden clubs in Zweden, Zwitserland (Genève) en Frankrijk opgericht. In 1951 worden de eerste stappen in België gezet.

Pas in 1950 wordt de leuze ‘We Serve’ op de conventie van New York goedgekeurd.Begin januari 1961 overlijdt Melvin Jones.

In 1957 wordt gestart met de jeugdprogramma’s en worden de Leo’s opgericht. In 1996 wordt de 5.000ste Leo-club gecharterd. Op heden zijn er ongeveer 144.000 Leo’s in meer dan 6.000 clubs in 140 landen.

In 1968 ontstaat het LCIF (Lions Clubs International Foundation), thans het grootste private fonds ter wereld.
Sedertdien werd meer dan 826 miljoen USD ingezameld en besteed.In 2007 werd het LCIF als best werkende ngo ter wereld erkend.

In 1971 zijn er voor het eerst meer dan 1.000.000 Lionsleden.

In 1975 ontstaan de Lioness-clubs en vanaf 1987, na de internationale conventie van Taipeh, waar het woordje ‘male’ uit de internationale statuten geschrapt werd, kunnen ook dames volwaardig Lionslid worden. De bestaande Lioness-clubs worden opnieuw gecharterd tot Lionsclubs.
Vanaf dan worden ook gemengde clubs opgericht.

Overeenkomstig de eerdere beslissingen (cfr Helen Keller) wordt in 1990 het (eerste) Sight First programma opgezet: 2,2 miljoen cataract operaties, 4 miljoen behandelingen tegen rivierblindheid (per jaar!), infocampagnes tegen glaucoom en omtrent oogziekten ten gevolge van diabetes.

In 1999 wordt in China een vijfjarenplan omtrent blindheidpreventie gestart en sindsdien werden er verschillende ‘Cartercentra’ (voormalig USA president Jimmy Carter was Lions in Atlanta) opgericht.

Vanaf het Lionsjaar 2005-2006 wordt een tweede Sight First campagne opgezet. Deze campagne werd na 3 jaar werking afgesloten op de internationale conventie in Bangkok (juni 2008).
Sedert de (eerste) Sight First campagne werd meer dan 346 miljoen USD gespendeerd.

Regelmatig worden er door LCI (Lions Clubs International) wereldwijde campagnes opgestart.
Momenteel is er zo het project ter bestrijding van de mazelen.

1.03.  de Lions in België

Leon Vannuvel ontmoette begin 1951 Jean Pierre Galand, stichter van de eerste Zwitserse club, en Tony Delage, Amerikaanse Lion, belast met de uitbreiding van Lions in Europa. Geleidelijk aan groeide een kern van geïnteresseerden in Brussel. Op 31 maart 1952 werd de club officieel gesticht onder de naam ‘Bruxelles’, later omgevormd naar ‘Bruxelles Centre Fondateur’. Het charter werd overhandigd op 17 mei 1952.

Ter info: deze club heeft in het voorjaar 2008 de ontbinding aangevraagd.
Als reden werd de gemiddelde hoge ouderdom van de leden opgegeven.
Onderliggende oorzaak voor het verdwijnen van deze club is allicht het onvoldoende tijdig aanwerven van nieuwe leden waardoor een verjonging van de club uitblijft

Het verdwijnen van een club is steeds een spijtig gebeuren.

Enkele maanden later kreeg Antwerpen zijn charter, in het voorjaar van 1953 gevolgd door Luik (actueel Liège Cité). Daarna volgende Gent-Gand, als oudste club van ons district 112A.
De eerste nationale conventie werd in Keerbergen gehouden in 1953.

In 1954 kreeg De Panne als eerste kleinere stad zijn charter.
Paul Simpelaere, charterlid van deze club werd in 1960 als eerste Belg benoemd tot bestuurder (international director – ID) van de internationale vereniging. Hij overleed in 2007 op de leeftijd van 100 jaar en één dag.

In 1958 worden tijdens de wereldtentoonstelling in Brussel alle buitenlandse Lions verwelkomd op het ‘Welcome Centrum for Lions’.

Op 3 maart 1959 aanvaardt Koning Boudewijn het erevoorzitterschap (eregouverneur) van het (toen nog unitair) Belgisch District, een blijk van erkenning die tot op heden onze vereniging vereert.
In 2010 werd door het kabinet van de Koning bevestigd dat Koning Albert voor een derde periode van 5 jaar het erevoorzitterschap wenste waar te nemen. Na zijn abdicatie heeft Koning Filip op zijn beurt eveneens het erevoorzitterschap van onze Lions-beweging aanvaard.

Vanaf 1991, en vooral omdat het aantal clubs van het unitaire district D112 te groot was geworden, heeft België het voorbeeld gevolgd van de andere landen waar het Lionisme tot een brede proliferatie gekomen was. België werd een multiple district (MD112) en de clubs werden ondergebracht in vier districten, die elk bestuurd worden door een eigen gouverneur.

Momenteel (info www.lions.be, 30 mei 2016) zijn er in België (MD112) 7.600 leden opgenomen in een van de 286 clubs in onze 4 districten.
(Bron : vademecum voor clubverantwoordelijken van district 112A.)

1.04.  de Lions Club Deinze

Is opgericht in 1961 en vierde dus in 2011 haar 50 jarig bestaan.